Het hoofdkwartier van de Atlantikwall in Nederland

De Wehrmachts-befehlshaber in den Niederlanden
In 1943 is men begonnen met de bouw van een grote bunker in Hilversum. De bunker die vandaag de dag nog steeds tussen de statige villa's staat. Zou het Hoofdkwartier van de Atlantikwall in Nederland worden. En dan met name voor één van hoogste militaire bevelhebbers van Nederland. De Wehrmachts-befehlshaber in den Niederlanden, General der Flieger Christiansen. Deze Duitse staf bestond uit twee Feldkommandanturen. Achttien Wehrmachtkommandanturen voor in de grote steden. En voor de kleinere plaatsjes waren er tien Ortskommandanturen. Het doel van de Wehrmachts-befehlshaber in den Niederlanden (afgekort W.B.Nld) was om de orde in Nederland te handhaven en voerden het bevel over alle in Nederland gelegerde Duitse troepen. Het Duitse bestuur over Nederland werd door verschillende hoge instanties geregeld. Het civiele gedeelte werd door de in Den Haag gelegerde Reichskommissar, Arthur Seyss-Inquart geleid en het militaire gedeelte door de W.B.Nld. En dan met name over het territoriale en organisatorische aspect. Omdat Christiansen onder de luchtmacht viel had hij geen zeggenschap had over de landmacht en de marine. De staf die zich in de begin jaren van de oorlog evenals in Den Haag bevond zou in 1943 net als veel hoge Duitse instanties worden overgeplaatst naar Hilversum. De rede hiervoor is de Bouw van de Atlantikwall. Door de bouw van de Atlantikwall kwam het bestuurscentrum Den Haag midden in de frontlinie van de Stützpunkt gruppe Scheveningen te liggen. En zou daardoor een hoofddoel voor de geallieerde beschietingen in de Stützpunkt Gruppe Scheveningen worden. Daardoor werd de staf van W.B.Nld enkele weken later overgeplaatst naar het in het achterland gelegen Hilversum waar ze ondergebracht werden in het gemeentehuis. De Duitse Wehrmacht had eerder al diverse villa's waaronder het gebouw van de S.A. Rudelsheim Stichting gevorderd. En hier zou de staf zijn intrede doen.

S.A. Rudelsheim Stichting.
S.A. Rudelsheim Stichting was voor de oorlog een stichting die zich inzetten voor het opvangen, onderwijzen van zwakzinnige Joodse kinderen. En lag als een driehoek gevestigd aan de Verdilaan, de Rossinilaan en de Doodweg. Door het uitbreken van de oorlog werd de stichting in 1942 genoodzaakt te verhuizen naar een andere locatie. En uiteindelijk zijn alle Joodse kinderen tijdens een razzia gearresteerd en overgeplaatst naar het doorvoerkamp Westerbork in Drenthe. En deed de W.B.Nld zijn intreden in het voormalig gebouw van de stichting. De omliggende villa's werden evenals gevorderd voor het onderbrengen van het stafpersoneel en om te worden ingericht als Dienststelle. Het hoofdgebouw waar General der Flieger Christiansen zijn intrek nam werd door de Duitsers aangeduid als Sommerlager. Ook andere Duitse instanties deden hun intrede in Hilversum. Zo was de Stabskompanie gevestigd in de villa Heideheuvel. En de Wehrmachtnachtrichtenführer in de villa Wisseloord. Om de staf tegen geallieerde bombardementen te beschermen werden er door de Bauabteilung diverse bunkers ontworpen die rondom het Rudelsheim terrein gebouwd moesten worden.

De bunkers.
Direct na het intrede van de W.B.Nld in Hilversum moest er begonnen worden met de bouw van twee Befehlstelle die naast het hoofdgebouw van het Rudelsheim terrein op een sportveld gebouwd moesten worden. Het wapeningsstaal van de twee bunkers was afkomstig uit het zwaar gebombardeerde Rotterdam. En het benodigde betongebruik lag rond de 7000 kubieke meter. De bunkers die zouden gaan vallen onder Baupunkt 197 kregen de bouwnummers 7503SK en 7504SK. Tevens waren de bunkers speciaal ontworpen voor deze locatie en waren daardoor Sonderkonstruktionen. (SK) Wat inhoudt dat ze niet onder de vaste Regelbau types vielen waarvan men precies wist hoeveel grondstoffen, manschappen, en tijd er nodig was voor de bouw van de bunkers. De twee commandobunkers die aan de door de General der pioniere und Festungen voorgeschreven eisen moesten voldoen waren uitgerust met gassluizen, ingangsverdediging en voorzien van een eigen waterbron. De bunkers die aan elkaar vast waren gebouwd stonden in verbinding door middel van een verbindingsgang waar zich aan beide zijdes een gassluis bevond. In de gang kon men naar verschillende ruimtes die waren ingericht als machinekamers. De bunkers die bijna hetzelfde zijn gebouwd enkel gespiegeld van elkaar hadden eigenlijk maar één groot verschil. In de linker bunker is een uitbouw gerealiseerd voor de scharte van de ingangsverdediging. Vanaf deze locatie had men vrij zicht over de vier ingangen die men in geval van nood kon verdedigen. tevens was er in deze uitbouw een kleine Brunnenstand gebouwd waar men drinkwater kon oppompen. Naast de twee commandobunkers in het hoofdkwartier bouwde men nog enkele ständige bunkers (ST) van het Regelbau type 668. En hadden de bouwnummers 7507 en 7508. De exacte functie van de twee bunkers op deze locatie is niet bekend maar de 688 staat in de boeken als een Kleinstunterstand für 6 Mann. Dus hoogstwaarschijnlijk diende ze als bomvrije onderkomens voor 6 man. Helaas zijn deze bunkers aan het einde van de jaren 40 van de vorige eeuw gesloopt. Een vijfde bunker die tijdens het einde van de oorlog nog in aanbouw was en nooit is voltooid was evenals een Sonderkonstruktion en zou het bouwnummer 7509 krijgen. Nadere informatie over dit bouwwerk is niet bekend.


Sperrgebiet
De nabije omgeving van het hoofdkwartier werd omgedoopt tot sperrgebiet wat inhoudt dat het terrein tot militair gebied werd verklaard. Er werden grote hoeveelheden prikkeldraadversperringen geplaatst en op de doorgaande wegen werden blokken beton geplaatst die de doorgang moest blokkeren. Uiteraard moest het terrein er van uit de lucht niet uitzien als een militair terrein. En hier werden dan ook de nodige maatregelen voor genomen. Verantwoordelijk voor de camouflage en de verdediging van de Zitadelle Hilversum was de Kommadant des Ortserteidigungsbereichs Hilversum. Boven de wegen werden camouflage netten gespannen. En de bunkers werden gecamoufleerd als gewone villa. Rondom de bunkers werden enkelsteens muren gemetseld waarop ramen en deuren werden geschilderd. Echter zijn ze in Hilversum nooit veder gekomen dan een enkel muurtje.


Bommen op Hilversum.
Dat de bunkers niet voor niets werden gebouwd bleek op 29 december 1944 toen de eerste Engelse bommenwerpers door Royal Air Force (RAF) op de Zitadelle Hilversum werden afgestuurd. Via de Hilversumse verzetsgroepen en de eigen inlichtingen was men in Londen precies op de hoogte waar zich het hoofdkwartier van de Atlantikwall in Nederland bevond. Het bombardement mislukte en hoofdkwartier werd gespaard. Echter vielen er onder de bevolking zeven slachtoffers. Maanden was het rustig toen er 20 maart 1945 opnieuw Britse bommenwerpers boven Hilversum verschenen. Op deze dag voerde de Royal Air Force een grote operatie uit op alle hoofdkwartieren in de gebieden van de Oberbefehlshaber west, Heeresgruppe H en Heeresgruppe G. Tijdens dit bombardement branden het hoofdgebouw van de voormalige Rudelsheim Stichting volledig af. En vielen er na schatting tussen de 100 en 200 doden aan Duitse zijde waaronder 15 officieren. En vielen er nog minstens een zelfde aantal aan gewonden. En derde bombardement had bijna plaats gevonden op 31 januari 1945. De landelijke verzetsgroep Albrecht had van een Duitse soldaat gehoord dat er een groot aantal hooggeplaatste Duitsers bijeen zou komen in het gevorderde gebouw van de Hilversumse tennisclub. Enkele leden die daar op deze avond aanwezig zouden zijn waren Arthur Seyss-Inquart,Christiansen, en een aantal van Nederlands hoogste Duitse officieren. Echter ging het bombardement die door verzetsgroep Albrecht was aangevraagd niet door wegens vermoedelijk tijdgebrek.

Geallieerde luchtfoto uit 1943. 1.Het Rudelsheim complex.  2.De driehoek. 3.Verdilaan. 4.Het Melkhuisje


Johannes Blaskowitz.
General der Flieger Christiansen en zijn staf waren inmiddels overgeplaatst naar Emmen. En bood de bunker onderdak aan het Armee-Oberkommando 25 onder leiding van Gen.d.Inf. Günther Blumentritt. Met de taak de verzwakte Festung Holland te verdedigen. Toen de geallieerde opmars steeds veder Nederland in trok is de Oberbefehlshaber Nordwest opgericht onder leiding van Johannes Blaskowitz die op 10 april 1945 werd benoemd als opperbevelhebber van de Festung Holland. En op 21 maart 1945 het bevel overnam van Blumentritt en daarmee ook zijn intrede deed in de commandobunkers. De bunkers die in de volksmond nog steeds word aangeduid als de Blaskowitz-bunker. En tevens was het Blaskowitz die nauw betrokken was bij de vredesonderhandelingen in Wageningen rond 5 mei 1945. 

De bunker na de oorlog
Direct na de oorlog is de bunker gebruikt voor het gevangen houden van NSB-ers en andere collaborateurs. En na een tijdje keerde ook de Rudelsheim stichting terug na Hilversum, echter was er van het voormalige complex niks meer over. En ook keerde er bijna geen enkel Joods kind die de stichting voor de oorlog opving terug uit de concentratiekampen. Vanaf dat moment is de stichting zich bezig gaan houden met het opvangen van weeskinderen wiens ouders in de oorlog waren omgekomen. Alleen nu op een andere locatie dan voorheen. Het complex is in 1952 door de luchtmacht gekocht en zij hebben de bunker geheel aangepast aan de Koude Oorlog. Ook kreeg het terrein een nieuwe naam die is vernoemd naar de 1942 omgekomen kapitein J.P.Helsdingen. Het terrein heetten vanaf die dag De van Helsdingenkarzerne. In de tachtiger jaren raakten de bunker weer in verval en heeft het tijdje als antikraak gediend. In 1998 waren er serieuze plannen om de bunker te slopen om ruimte te maken voor 10 nieuwe villa's maar hier heeft men gelukkig vanaf gezien. Tegenwoordig hoort de bunker bij de woningen waar de bunker in de tuin staat en is deze niet meer toegankelijk voor publiek. En kan hij daar gewoon rustig te staan...!